Value added assessment en de gevolgen voor Nederland

Posted by | February 26, 2012 | Uncategorized | No Comments

In New York zijn beoordelingen van leraren openbaar gemaakt. Het is een nieuw dieptepunt in het onderwijsdebat in de VS. De beoordelingen zijn gebaseerd op de praktijk van ‘value added assessment‘ Toetsscores van leerlingen worden geanalyseerd om te onderzoeken of een leraar “waarde” heeft toegevoegd aan een leerling. Oftewel de toetsscores geven aan wat de voortgang, groei, is van een leerling het hele jaar door. Maar niet alleen de leerling wordt langs de meetlat gelegd, ook (of misschien juist) de toegevoegde waarde van een leraar is een speerpunt in dit onderzoek. De gebreken in de methodologie van het onderzoek worden in dit artikel pijnlijk duidelijk:

“The ratings have high margins of error, are now nearly two years out of date and are based on tests that the state has acknowledged became too predictable and easy to pass over time.”


En die gegeven worden dus openbaar gemaakt. Audrey Waters verwoordt bredere bedenkingen als volgt:

“First and foremost, of course, it reduces the impact that a teacher has on a student to a question of standardized test scores. How does a teacher help boost a student’s confidence, critical thinking, inquisitiveness, creativity? What about other subjects other than math or English? What about poverty and other socio-economic influences on students’ lives?”


Bill Gates is één van de grootste voorstanders van versterkte teacher evaluations en hij heeft via zijn stichting enorm hierin geinvesteerd, maar ook hij is geschrokken van de consequenties van deze beslissing:

I am a strong proponent of measuring teachers’ effectiveness, and my foundation works with many schools to help make sure that such evaluations improve the overall quality of teaching. But publicly ranking teachers by name will not help them get better at their jobs or improve student learning. On the contrary, it will make it a lot harder to implement teacher evaluation systems that work.


Wat kunnen we hiervan leren in Nederland? Het is raadzaam om eerst een stap terug te doen en te bekijken hoe ons beleid tot stand komt en wie dat beleid beïnvloeden. Alles wijst erop dat Nederlandse beleidsmakers onder invloed staan van de ideeën van de GERM beweging (Global Education Reform Movement). De laatste jaren wordt er steeds meer de nadruk gelegd op toetsen, controle, presatiebeloning en meetbare output. Organistaties als het CPB, CBS en het CITO  lijken de meeste invloed te hebben op onze politici en ambtenaren. Dat zou helemaal niet het geval moeten zijn en het zou goed zijn om dit in kaart te brengen.

Statistieken en economische afwegingen hebben hun waarde in onderwijsbeleid, maar niet meer dan dat. Ik pleit al langer voor een veel grotere inspraak van docenten in het onderwijsbeleid. En dan doel ik niet op een vage onderwijscooperatie. Nee, docenten zouden op alle niveaus part-time vertegenwoordigd moeten zijn bij OCW, gemeentes en schoolbesturen om te waarborgen dat de ontwikkeling van de leerling centraal staat. Daarnaast moeten de uitgangspunten van ons onderwijsbeleid worden herzien. Politici, ambtenaren, statistici en economen die zich bezig houden met onderwijs zouden daarom verplicht “Finnish Lessons” van Pasi Sahlberg moeten lezen.

Meer informatie: 
blog van Larry Ferlazzo

Leave a Reply

Your email address will not be published.